Hulp nodig?

Meld u online aan of bel tijdens kantooruren (0113) 21 30 98

Een geheim teveel (seksueel misbruik)

Er zijn weinig zaken die zo diep ingrijpen als seksueel misbruik. Het slachtoffer is voor het leven getekend. Seksueel misbruik gaat aan de deur van de christelijke gemeente niet voorbij. In dit artikel bekijken we wat er gedaan kan worden aan seksueel misbruik. Niet omdat daarmee dit vreselijke probleem kan worden uitgeroeid. Wel omdat ieder geval er één teveel is.

Dat seksueel misbruik voor komt weet iedereen. Enkele cijfers kunnen helpen om zicht te krijgen op de omvang van het probleem. Al tientallen jaren wordt ervan uit gegaan dat ongeveer één op de zeven meisjes te maken heeft (gehad) met negatieve ervaringen op seksueel gebied. Ook uit recent onderzoek van de Rutgers Nisso Groep, een expertisecentrum op het gebied van seksualiteit, komt dat naar voren. In het onderzoek Seks onder je 25ste (2012) gaf zeventien procent van de ondervraagde meisjes aan wel eens gedwongen te zijn tot seksuele handelingen die ze niet wilden. Zeven procent van de ondervraagde meisjes is gedwongen tot geslachtsgemeenschap tegen hun wil. Wat vaak vergeten wordt, is dat ook jongens slachtoffer kunnen zijn van seksueel misbruik. In hetzelfde onderzoek van de Rutgers Nisso Groep gaf vier procent van de jongens aan wel eens gedwongen te zijn tot seksuele handelingen die ze niet wilden, terwijl twee procent is gedwongen tot geslachtsgemeenschap.

Onderzoek christelijke studenten

Het voorgaande beschrijft ingrijpende cijfers uit een onderzoek naar het geheel van de Nederlandse samenleving. Hoe zou dit onder christenen zijn? Begin 2013 verscheen een onderzoek naar seksueel gedrag van christelijke studenten. Bijna dertienhonderd studenten werden uitvoerig bevraagd op hun ervaringen met seksualiteit. Opvallend is dat uit dit onderzoek blijkt dat 26 procent van de meisjes aangeeft negatieve ervaringen te hebben met seksualiteit, tegen vijf procent van de jongens. Nu zijn deze beide onderzoeken niet één op één met elkaar te vergelijken. Toch geven deze cijfers aanleiding om te denken dat seksueel misbruik onder christenen blijkbaar meer voorkomt. In elk geval niet minder dan in de rest van de samenleving! Het is daarom goed om ons hierop te bezinnen. Wat kan de christelijke gemeente, de christelijke school en het christelijke gezin doen om seksueel misbruik te voorkomen óf tijdig te signaleren?

Seksuele vorming

Het moeilijke van seksueel misbruik is dat het altijd in het verborgene plaatsvindt. Zeker als het binnen de kring van het gezin gebeurt zullen slachtoffers een hoge drempel ervaren om hiermee naar buiten te komen. En zo kan het zijn dat slachtoffers soms jarenlang rondlopen met een geheim teveel. Seksueel misbruik onderstreept de noodzaak van seksuele vorming. Goede seksuele vorming is geen garantie dat seksueel misbruik niet voorkomt. Het is wel een belangrijk middel om misbruik tegen te gaan. Gelukkig zijn er heel wat gezinnen waarin op een positieve manier aandacht wordt gegeven aan seksuele vorming. Toch bleek uit het genoemde onderzoek onder christelijke studenten dat ongeveer de helft van de ondervraagden thuis geen of te weinig seksuele voorlichting heeft ontvangen. Dan moeten jongeren ‘van de straat’ leren hoe seksualiteit werkt, of ontdekken ze dat zelf. Met alle risico op ontsporingen. Het is daarom belangrijk dat thuis, op school en ook in de kerk op een evenwichtige manier gesproken wordt over seksualiteit. Daarbij mogen kinderen al jong horen dat een ander je niet mag aanraken als je dat niet wilt, en dat je dat áltijd tegen je ouders, je juf of een ander mag vertellen. Er zijn goede christelijke lesprogramma’s over seksualiteit en seksuele weerbaarheid. Het is een goede zaak als scholen daarvan gebruik maken.

Signaleren

Seksueel misbruik is moeilijk te signaleren. Signalen die kunnen wijzen op seksueel misbruik zijn onder andere: angst voor lichamelijk contact, schrikreacties bij aanraking, buikpijn of bedplassen, overmatige seksuele kennis die niet past bij de leeftijd. Het is echter moeilijk om signalen goed te interpreteren. Zo kunnen buikpijn en bedplassen ook wijzen op heel andere problemen. Het komt echter te vaak voor dat verschillende omstanders (in familie, op school, in de kerk) vele signalen zien en zich zorgen maken, zonder daar iets mee te doen. Zeker voor professionals zoals leerkrachten is het van belang om signalen te rapporteren en ze bespreekbaar te maken. Er zou veel gewonnen zijn als elke reformatorische school een duidelijk plan had hoe te handelen bij (vermoedens van) seksueel misbruik. Als dat seksueel misbruik kan voorkomen of vroegtijdig kan stoppen, is het de moeite waard.

Kerk 

Seksueel misbruik kan ook voorkomen binnen de kerk. In de afgelopen jaren is er veel aandacht geweest voor misbruik in de roomse kerk. Ook binnen reformatorische kerken komt echter seksueel misbruik voor, helaas ook door kerkelijke gezagsdragers zoals ambtsdragers, jeugdleiders en dergelijke. Door verschillende reformatorische kerken wordt gewerkt aan een meldpunt voor seksueel misbruik in kerkelijke gezagsrelaties. Als we belijden dat de mens geneigd is tot alle kwaad, mogen we ook doen wat onze hand vindt om te doen om dat kwaad te bedwingen.

Hulp 

Slachtoffers van seksueel misbruik hebben hulp nodig. In hun leven zijn diepe wonden geslagen, die soms levenslang niet meer genezen. Hun vertrouwen is ernstig geschonden. Vaak gaan slachtoffers gebukt onder psychische klachten. Men zegt dat ongeveer zeventig procent van de vrouwen die ooit een suïcidepoging heeft gedaan, ervaring heeft met seksueel misbruik. Slachtoffers hebben een bijzonder barmhartige benadering nodig. Laten we echter nooit vergeten dat ook daders hulp en confrontatie nodig hebben. Sommige (jonge) daders weten zich geen raad met hun eigen seksuele gevoelens en komen zo tot seksueel misbruik.

Eenzaam

Seksueel misbruik is helaas van alle tijden. In 2 Samuël 13 lezen we gedetailleerd hoe Amnon zijn halfzus Thamar misbruikte. Dat hoofdstuk is het lezen waard, omdat het realistisch beschrijft hoe het kan gaan. Ingrijpend is wat er staat in vers 20 van dit hoofdstuk: ‘Alzo bleef Thamar en was eenzaam in het huis van haar broeder Absalom’. En zo is het met veel slachtoffers: ze gaan hun weg in eenzaamheid, met een geheim teveel. Hun leed is elke inspanning om seksueel misbruik terug te dringen, meer dan waard.

Dit artikel werd geschreven door Erik-Jan Verbruggen, maatschappelijk werker, en verscheen eerder in GezinsGids.

 

© 2015 Stichting De Vluchtheuvel   /   Sitemap   /   Realisatie: KM Design